Nieuws Plantenpest(er): Meloidogyne enterolobii: een bedreiging voor gewassen in Europa

07/02/2025

Wat is Meloidogyne enterolobii?

Meloidogyne enterolobii is een aaltje (nematode) dat behoort tot de groep van draadwormen (Nematoda). Een heel diverse groep waarvan een klein deel zich heeft gespecialiseerd als plantenparasieten. Wortelknobbelaaltjes (Meloidogyne spp.) behoren tot de belangrijkste plantparasitaire nematoden, ze zijn schadelijk voor planten en veroorzaken wereldwijd opbrengstverliezen in verschillende teelten.

In april 2022 werd M. enterolobii toegevoegd aan de lijst van EU-quarantaineorganismen. Dit betekent dat het als een ernstig risico voor de landbouw wordt beschouwd. Het aaltje kan namelijk veel belangrijke gewassen aantasten, zoals peper, tomaat, komkommer, aardappel en diverse hout- en kruidachtige planten. Daarnaast kan M. enterolobii zich voortplanten op Meloidogyne-resistente tomaten- en paprikarassen, wat het nog moeilijker maakt om het probleem onder controle te houden.

Meloidogyne enterolobii in de wortels van aardappel.
Meloidogyne enterolobii (gekleurd met fuchsinezuur) in de wortels van aardappel.

Levenscyclus en schade aan planten

Wortelknobbelaaltjes zijn microscopisch klein. Hun larven (juvenielen) komen uit het ei en gaan in de bodem op zoek naar een geschikte plantenwortel. Zodra ze de wortel binnendringen, veranderen ze plantencellen in zogenaamde reuzencellen, die hen permanent van voedsel voorzien. Hierdoor verzwakt de plant en daalt de opbrengst.

De aaltjes ondergaan meerdere vervellingen en ontwikkelen zich tot mannetjes of vrouwtjes. De vrouwtjes leggen honderden eitjes in een eipakket, dat in de wortel of in de grond terechtkomt. Door de aanwezigheid van het aaltje vormt de plant knobbels op de wortels, wat de water- en voedselopname verstoort. Dit veroorzaakt niet alleen groeiproblemen, maar ook zichtbaar kwaliteitsverlies bij ondergrondse gewassen zoals wortelen, schorseneer en aardappelen, waardoor ze onverwerkbaar worden.

M enterolobii op aardappelen
Aardappel aangetast door M. enterolobii ((C) Johny Visser, WUR)

Verspreiding en risico’s in Europa

M. enterolobii komt vooral voor in (sub)tropische regio’s van Noord-, Midden- en Zuid-Amerika, Afrika en Azië. Onderzoek toont echter aan dat dit aaltje zich ook kan handhaven in gematigde klimaten. Zo werd het aangetroffen op rozenplanten uit China en zijn er recente meldingen van besmettingen in Portugal en in Nederlandse en Zwitserse serres. Dit bewijst dat het aaltje zich dus wel degelijk kan vestigen in warmere delen van Europa en in serres.

Daarnaast is gebleken dat sommige populaties van M. enterolobii zich kunnen voortplanten op gewassen die eerder als niet-waardplant werden beschouwd, zoals gele mosterd. Dit vergroot het risico op verspreiding.

Onderzoek en bestrijding

Om de verspreiding van M. enterolobii in Europa beter te begrijpen en in te perken, is betrouwbaar onderzoek nodig. Inspecties bij import en monitoring van besmettingen zijn essentieel om verdere introductie te voorkomen. Daarnaast is meer kennis nodig over de levenscyclus en overlevingskansen van dit aaltje om de potentiële impact ervan op de land- en tuinbouw in gematigde Europese klimaatzones te kunnen beoordelen.

Daarom neemt ILVO, in opdracht van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, deel aan het EUPHRESCO-project "MENTSURV" (2023-2026). Dit project onderzoekt hoe M. enterolobii overleeft in gematigde klimaatomstandigheden en hoe het zich verspreidt binnen Europa. Partners in dit onderzoek zijn onder andere de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), de Austrian Agency for Health and Food Safety en het Murcian Institute of Agricultural and Food Research and Development (Spanje).

ILVO en NVWA bestuderen hoe het aaltje overleeft en zich voortplant onder ons klimaat, o.a. op aardappelen. Dit onderzoek helpt om de impact op de Europese landbouw beter in te schatten en doeltreffende bestrijdingsmaatregelen te ontwikkelen.

Controle op geïmporteerde planten

Het ILVO Diagnosecentrum voor Planten voert in opdracht van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) analyses uit om de aanwezigheid van quarantaine-nematoden in geïmporteerde planten te onderzoeken.

Bij M. enterolobii gaat de aandacht vooral uit naar knollen, zoals gember en zoete aardappel, afkomstig uit landen waar dit aaltje voorkomt, zoals de Verenigde Staten en diverse Afrikaanse landen. In 2024 werd M. enterolobii in 3% van de onderzochte monsters aangetroffen. De identificatie gebeurt via een internationaal erkende moleculaire techniek (qPCR, volgens Kiewnick et al., 2015). Deze controles zijn essentieel om de introductie en verdere verspreiding van deze schadelijke soort in Europa te beperken.

Vragen?

Contacteer ons

Wim Wesemael

Onderzoeker ILVO

Nicole Damme

Expert plantpathogene nematoden